Stellig ontkennen van de ondertekening van een overeenkomst, hoe doe je dat?
- Details
In een eerder blog beschreef advocaat Anton Beneder in hoeverre een bestuurder van een vennootschap zijn bestuurderschap kan ontkennen ondanks de inschrijving in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel. Dit keer beschrijft hij aan de hand van een recent arrest van het Hof Arnhem-Leeuwarden 1 op welke wijze een procespartij een geslaagd beroep toekomt op het ‘stellig ontkennen’ van zijn ondertekening van een overeenkomst.
Deze zaak had betrekking op een geschil tussen de huurder en verhuurder van een minivan als gevolg van de – door beide partijen overeengekomen - tussentijdse beëindiging van de huurovereenkomst. In het kader van deze beëindiging hebben partijen een verklaring ondertekend waarin is vastgelegd dat de verhuurder een gedeelte van de reeds betaalde huurprijs, te weten een bedrag van EUR 1.790, aan de huurder zou terugbetalen. Ondanks verzoeken daartoe van de huurder, bleef betaling door de verhuurder uit. De huurder betrok de verhuurder daarop in rechte en vorderde betaling van voormeld bedrag, vermeerderd met rente en kosten.